Hoe gebeurt een landing?

Aan de feitelijke landing gaan naderingsprocedures vooraf. Na een eventueel verblijf in een wachtgebied worden aankomende vliegtuigen uit verschillende richtingen ingevlochten in de verkeersstroom voor de landingsbaan. Dit heet vectoring. Dit houdt in dat de verkeersleider door middel van headings de vlieger opdracht geeft een bepaald vliegpatroon te volgen met als doel de vliegtuigen op de onderling juiste posities te brengen. Het 'in elkaar vlechten' van de verschillende verkeersstromen tot één enkele stroom is een gecompliceerd proces. Ook omdat de prestaties van de vliegtuigen onderling sterk kunnen verschillen. 
De verkeersleider brengt het vliegtuig tot vlak voor de landingsbaan. De verkeersleiders beschikken over nauwkeurige radarapparatuur. Met behulp van de gegevens van het luchtverkeersleidingssysteem (AAA-systeem) geven ze de vliegers instructies over de koers, snelheid en hoogte. 
De eindnadering geschiedt overdag vanaf een hoogte van 2.000 voet (circa 600 meter), in de buurt van het aanvliegbaken voor de gekozen landingsbaan. De verkeersleider heeft het vliegtuig dan op ongeveer 12 kilometer recht voor de landingsbaan gebracht. Radiosignalen van het Instrument Landing System (ILS) zorgen ervoor dat de vlieger zelf de eindnadering kan uitvoeren, zelfs onder zeer slechte weersomstandigheden of bij slecht zicht. De landing vindt plaats in één rechte lijn onder een hoek van drie graden. De rechte nadering is noodzakelijk in verband met de voorbereiding van de landing.  
Voor het naderend verkeer richting Schiphol zijn geen specifieke routes in gebruik. Behalve 's nachts. Wel zijn er voor bijzondere omstandigheden routes in de luchtvaartgids gepubliceerd. Deze moeten worden gebruikt wanneer er niet met vectoring kan worden gewerkt, bijvoorbeeld in geval van radio- of radarstoringen. In dergelijke gevallen verschaft de luchtvaartgids de piloot duidelijkheid hoe te handelen. Op de kaarten in de luchtvaartgids zijn binnen het gebied waarin het vectoringproces hoofdzakelijk plaatsvindt geen specifieke routes aan te geven en wordt aan de vlieger gemeld dat vectoring moet worden verwacht.